Jort Kelder. Iedereen kent deze zelfbenoemde ‘knuffelkakker’, maar klopt het beeld dat het grote publiek en de media van hem hebben? Als welbespraakt BN’er met een autonome mening, contacten in de wereld van het grote geld en een niet te ontkennen voorliefde voor enig theatraal vertoon, is hij het object van enkele hardnekkige stereotyperingen. Hij wijt het met name aan de vakjesdenkers-mentaliteit in Nederland. Ondertussen gaat deze zelfkritische journalist in hart en nieren vooral zijn eigen gang, en echt niet altijd gelardeerd met bretels. Soms vecht hij tegen zijn imago, vaker nog vecht hij voor zijn in beton gegoten fundamentele overtuigingen. In hartje Zuid verwoordt hij het stellig: “Er zijn altijd meerdere waarheden, ook over Jort Kelder.”
“Paradoxaal voor een journalist, maar ik heb een hekel aan geschreven interviews. Die zijn vrijwel altijd ondeugdelijk; je wordt onherroepelijk een figurant in het script van de interviewer.” Zo, het ijs is gebroken. Jort Kelder schuift aan in brasserie De Joffers en bestelt snel een tosti (zonder ham). Hij heeft haast, als altijd. Er staat nog een opening van de Engelse dandy-winkel Hackett in ‘de Schuyt’ op het programma.
Hoe is jouw verstandhouding met de media?
“Mwa, ik mag niet klagen. Het is een gezonde les in nederigheid dat je als journalist zelf object van aandacht voor je collega’s wordt. Mij valt wel de burgerlijkheid van de vaderlandse journalistiek op: men vindt allemaal zo ’n beetje hetzelfde, schrijft elkaar over en kakelt de blogs na. Da’s allemaal niet zo erg, maar als er serieus iets aan de hand is zou ik willen dat er meer uitgezocht en geanalyseerd wordt. Neem mijn ruim beschreven aanvaringen met Bram Moszkowicz en het echtpaar Storms. De media poken dat op, maar welk medium dook werkelijk op de dubieuze advocaten en hun slappe Orde? En wie verdiepte zich echt in de meedogenloze methodes van Nina Storms/Brink/Aka-Vleeschdraager? Niemand. Ze haalden alleen hun neus op voor een ogenschijnlijk moddergevecht tussen BN’ers.”

Jij strijdt tegen De Macht.
“Krabben aan autoriteit is de basistaak van de journalistiek, mij dunkt. Ik stort mij vooral op de ongeneeslijk rijken. Want ja, ik ben en blijf een believer in het kapitalisme, maar dat spelletje moet je wel bij klaarlichte dag spelen. Dus als ze het niet eerlijk verdiend hebben, ben ik lastig. Graag wel met een knipoog als het stoute neefje. Daar kunnen ze meestal wel tegen, want ze worden gek van alle knipmessende kruipers om zich heen.”
Toch sta jij symbool voor geld en rijkdom.
“Als hoofdredacteur van Quote zat ik midden jaren negentig met klotsende oksels aan tafel bij Sonja Barend; mijn eerste echte grote tv-optreden, over het Nick Leeson-schandaal. Kennelijk kwam het redelijk m’n huig uit, want nadien begon het te druppelen en daarna te regenen met verzoeken om te praten over de wereld van het grote en snelle geld. Ben ik nu de roeptoeter van de miljonairs? Dacht het niet, al fascineert de wereld van het rauwe kapitalisme mij mateloos. Maar doe geen moeite mij in te delen, want ik ben zowel een rechtse bal als een vegetarisch levende liberaal met sympathie voor anarchisten en andere ontregelaars van de orde.”
Acteer je vaak, speel je een rol?
“Geen rol van betekenis zou ik zeggen, maar als u bedoelt of ik alles meen wat ik zeg… tsja. Meestal wel, soms niet en vaak zit er een dosis theater bij. Overdrijven is leuk, mijn levensmotto is niet voor niets ‘never grow up’. Of jullie nu de échte Jort Kelder te zien krijgen… Ach, alleen thuis produceer ik iets minder decibellen, ik heb mijn melancholieke momenten en voel mij door die camera enigszins beschermd soms een rol te spelen. Bedenk dit: ik ben altijd mijzelf, van die stunts in de PC tot alleen in mijn sloepie.”
Reageer hier eens op. Jort de antropoloog…
“Amateurantropoloog. Nederland is een kleinburgerlijk vakjesland. Maar inconsequent als ik ben, voedt dat wel mijn programma’s, zoals nu ook weer ‘Bij ons in de PC’. Ik loop nu al zo ‘n 20 jaar rond in de reservaten van de rijken, waaronder Amsterdam-Zuid. Men vindt de PC een proletenstraat, prachtige beelden. Maar we monteren met genade en laten het oordeel aan de kijker. Ik hoop van harte dat de reeks over een generatie een tijdsdocument blijkt te zijn. Zo van: ‘Kijk, wat deden we toen raar!’.”
Jort de rebel…
“Met overtuiging, zeker, zij het soms licht zelfdestructief. Als je een groot mondje hebt zoals ik komt er weleens ruzie van. Dat wordt breed uitgevent en heet dan een rel. Zo ’n affaire of rechtszaak geeft mij kracht, maar tegelijk ben ik privé meer van de harmonie. Laat mij in de media maar een hofnar zijn. Iedereen lacht erom, maar weet tegelijk: hij spreekt zonder last of ruggengraat, het is goed dat het gezegd wordt. “
Jort de onzekere…
“Ik ben zelfkritisch, incasseer moeilijk complimenten en ben nooit helemaal tevreden over wat ik maak. Je werk wordt er beter van, maar het is soms vermoeiend. Het zal m’n Spartaanse opvoeding zijn. Heel soms lees ik een zin terug die loopt, waar ik om moet glimlachen, maar gemiddeld zou ik mijzelf doteren met een 7+. Maximaal.”
Jort de ladiesman…
“Waha, dat zou toch mooi zijn… Een paar jaar geleden trakteerde het luxemeisjesblad Jackie mij op de titel ‘Bachelor of the Year’, maar ik ben sindsdien nog nooit zo lang alleen geweest. Ik geloof dat ik wat lastig benaderbaar ben en net zo slecht in versieren als de meeste vrouwen in achteruit inparkeren. Wat ook niet helpt is dat BN’er-gedoe. Je bent altijd op je hoede, helaas.”

Jort de ijdeltuit…
“Tot uw dienst, als u dat graag hoort. Iedereen met ambitie is ijdel, van de wetenschapper tot de kunstenaar tot de tv-meneer of –mevrouw. Daar is ook niets mis mee, zolang je maar om jezelf kunt blijven lachen. Niets treuriger dan humorloze ijdelheid. Daarom hou ik ook niet zo van modepopjes die zichzelf volhangen met merken, maar wel van excentriekelingen die een eigen stijl ontwikkelen.”
Jort de goede vriend…
“Ik ben betrekkelijk bezeten van en bezet door werk, dus of ik op die schaal scoor… De vraag is: wat deel je? Tijd is de grootste schaarste in mijn leven. Dus of ik nu met een meisje in een hangmat ga liggen, met wat vriendjes maatpakken ga halen in Florence of ga skiën in Zwitserland – al die momenten zijn mij zeer dierbaar, juist omdat ik er zo m’n best voor moet doen.”
Is tijd je grootste luxe?
“Welzeker, en niet alleen voor mij. Het is allemaal zo verdomde snel weer voorbij. Dat betekent soms ook: niets doen. Ik heb eigenlijk nooit vrij, maar als het echt mooi weer is, ga ik liggen lezen op m’n boot. En als het vriest -zo neem ik mij kordaat voor- moet er geschaatst worden. Daar moet alles voor wijken. Paul Fentener van Vlissingen, de helaas te vroeg gestorven industrieel, zei mij eens: ‘Bij mijn ouders in de tuin groeiden tientallen paddenstoelen, en er waren maximaal twee soorten broodroosters te koop. Nu zijn er tientallen broodroosters, maar er groeien er nog maar twee boleten in het bos’. Mooie man, te vroeg dood. Want zo gaat dat: de eikels leven lang, de helden sterven jong. Paul definieerde luxe ook puntgaaf. Voor hem was dat stilte. Want ga maar na, waar heb je dat nog?”
Wat wil je nog eens graag?
“Iets goeds doen voor de wereld, dat kan nooit kwaad. En nog minstens drie keer hopeloos verliefd worden.”
Heb je ergens spijt van?
“Ja. Ik heb met mijn scherpe bekkie vermoed ik wel wat mensen pijn gedaan die dat niet geheel verdienden. Soms indirect. Zo heeft de Quote-500 woeste reacties opgeleverd. Maar ja, als je zo ’n lijst maakt kun je niet die wel, die niet erop zetten. Als iemand dan huilend aan de lijn zit dat ze gekidnapt worden… Da’s natuurlijk wel een beetje vervelend. Ik ben altijd redelijk direct en open geweest, maar de hemelpoort zal niet voor me opengaan. Voor deze ondeugende onderdaan wordt het waarschijnlijk een enkeltje hellevuur, aankloppen overbodig.”
Wat heb jij bewezen?
“Dat er voor excentriciteit en forse meningen een markt is.”
Houd jij van Zuid?
“Ja, het is een heerlijke welvarende biotoop in het prachtige dorp Amsterdam. Mijn favoriete plekken zijn brasserie Van Dam binnen (fijne meiden in de bediening, al missen de habitués de wonderschone Nicolette), het terras van De Joffers en natuurlijk George W. Betrokken eigenaren, superbediening en een zitje op de zon waaronder je je aan de Rive Gauche waant.”
Tekst: Niels Bijvoet
Fotografie: William Maanders
| Volgende > |
|---|



